

Slakken vallen onder de groep Schaal-, schelp- en weekdieren en niet tot de vissen, maar tot de grote groep van ongewervelde dieren.Zij bezitten geen wervelkolom. De voedingswaarde van deze dieren komt overeen met die van magere vis. Er zijn 2 soorten eetbare slakken: de wijngaardslak en de alikruik, ja ja. De wijngaardslakken worden hier in Piégros gekweekt ( ook inmiddels in Nederland) en ook wel in het wild gezocht. Alikruiken worden uit de zee gevist, vooral in Zeeland. Slakken behoren tot de buikpotige weekdieren (Gastrapoda), gekenmerkt door een langwerpig, van boven rond lichaam met een vlakke onderzijde, die tot kruipen dient. Ze verschillen van mosselen vanwege het feit dat ze een kop hebben en dat ze niet plaatkieuwig zijn. We spreken dan ook niet van een slakkeschelp, maar van een slakkenhuis. Slakken sluiten zichzelf op in hun huizen vlak voor het begin van de winter (niet in de kwekerij in Piégros, waar het een continu proces is en de slakken na zo'n 10 weken hun einde vinden en bereid worden) Dat is de beste tijd om ze te bereiden of te conserveren. Slakken kunnen op vele manieren worden bereid, waaronder gemarineerd met witte wijn, gefrituurd, gesauteerd en aan het spit.